close
  • woensdag 27 mei
Zorg en Zekerheid

Alledagjes: Help! Corona! Een dagboekje (deel 31)

Alledagjes: Help! Corona! Een dagboekje (deel 31)

In tijden van Coronacrisis houdt Tietia Feikens een dagboek bij over alles wat haar bezighoudt in deze zorgelijke, verwarrende en vooral ongekende tijden. Vandaag deel 31. (Eerdere delen zijn te lezen via deze link)

Maandag 11 mei

De dag dat er weer van alles mag; Jan heeft voor het eerst weer werk op kantoor en een afspraak buiten de deur. Er mogen per keer maar twee collega’s aanwezig zijn en er is een schema wie wanneer op kantoor is. Kinderen gaan vandaag voor het eerst in maanden weer naar school, veel sporters kunnen weer los, buiten maar niet binnen. Oude mensen mogen onder strikte voorwaarden weer bezoek. Dat laatste vind ik het mooist. Ik gun iedereen van alles en ik gun sporters ook het beste maar zij kunnen met een beetje creativiteit van alles verzinnen om in conditie te blijven. Dat er van alles mogelijk is, dat is de afgelopen maanden op internet wel gebleken. Een mooi voorbeeld dat ik misschien zelf nog wel eens wil gebruiken is het idee van een zwemmer. Die heeft in zijn achtertuintje een goedkoop zwembad neergezet. Aan de rand en aan zijn eigen lijf bevestigde hij een stuk elastiek. Zo kon hij eindeloos zwemmen zonder maar een meter vooruit te komen en had hij aan een klein zwembad genoeg om te kunnen blijven trainen. Mijn eigen dochter kan na twee knieoperaties haar hele leven niet meer volleyballen en dat was haar passie, ze deed het al vanaf haar 9e. Maar ze is dankbaar dat haar knie het weer doet en heeft al een hele lijst van sporten die ze wel kan doen. Voor de zomer en de winter een aparte lijst. En dan blijkt dat er genoeg mogelijk is. Dus sporters: niet piepen maar je in de mogelijkheden verdiepen.

Voor de vele oudjes ben ik zó blij! Er mag één vaste persoon weer met regelmaat op bezoek komen. Natuurlijk met inachtneming van alle maatregelen, afstand houden en handen wassen en ontsmetten. Dat is een hele verbetering. Moet je je voorstellen dat je hoogbejaard en kwetsbaar bent en je mag je geliefden niet meer zien. Misschien ben je dan wel bang dat je doodgaat voordat de crisis weer voorbij is en dat je elkaar dus niet meer hebt kunnen zien. Verschrikkelijk toch? De bejaarden die nog met zijn tweeën zijn hebben steun aan elkaar maar als je dan ook nog alleen bent…Voorwaarde is wel dat zowel de ouderen als de bezoekende persoon gezond zijn. Maar dat lijkt me logisch. In sommige verzorgingshuizen mag het nu ook weer mondjesmaat, in verpleeghuizen niet. Voor Wil, waar ik een paar hoofdstukken geleden over schreef, en die al dagen in een stoeltje voor een verpleegtehuis zat om bezoekrecht af te dwingen, hoop ik ook dat ze binnenkort haar demente echtgenoot weer mag zien. Ze had hem al zeven weken moeten missen. Of misschien heeft iemand zijn handen voor haar in het vuur gestoken en is er een oplossing voor haar en haar man gevonden. Voor de zekerheid google ik dit nog even maar ik vind niets nieuws over Wil en haar man. Zou ze daar dan nog steeds met haar stoeltje en haar fleecedekentje zitten?

Eén van mijn bonusdochters die juf is, is vandaag weer begonnen. Van te voren vond ze het best spannend allemaal; hoe zou het gaan? Zou iedereen, zowel de kinderen als de ouders die hen komen brengen, zich aan de regels houden? Het was haar allemaal heel erg meegevallen. Ze merkte dat de kinderen al helemaal gewend zijn aan de anderhalve meter afstand en het handen wassen. Die regels zaten er goed in. De ‘gewone’ regels en afspraken waren verder weggezakt zei juf G. maar dat zal niet heel lang duren want G. kennende gaat ze voortvarend aan de slag om haar klas weer bij te spijkeren waar dit nodig is. Mijn middelste bonusdochter S. gaat donderdag en vrijdag weer aan het werk. Ze vind het spannend, temeer omdat ze bijna zeven maanden zwanger is. Dat geeft haar toch wel wat een onveilig gevoel omdat haar kleuters zich moeilijker aan de regels zullen houden dan de oudere kinderen van G. En voor haar is het onmogelijk om elk fysiek contact met haar kleuters te vermijden. Bovendien hebben kleine kinderen veel minder of geen besef van hygiëne. Gelukkig belde haar directrice om te zeggen dat, als S. zich echt niet veilig voelt, ze in overleg werk buiten de groep mag doen. Dat geeft haar rust. Ze is benieuwd hoe het allemaal gaat lopen en vindt het, naast dat ze het spannend vindt, ook heel leuk om weer aan het werk te gaan.

Ik vind op internet een recept voor gezonde brintakoekjes met maar drie ingrediënten: brinta, bananen en stukjes pure chocola. Ik denk dat Sonja Bakker er wel mee akkoord zou gaan en dus bak ik deze koekjes. Die verdraaid makkelijk en ook nog smakelijk zijn. En bovendien passen in een dieet. Want ik wil wel weer in mijn bikini durven, aangezien we over twee weken op vakantie gaan. Ervan uitgaande dat we mooi weer hebben natuurlijk. Mochten we door de corona crisis niet naar Luxemburg kunnen, dan trekken we onze sleurhut wel naar een leuk plekje ergens in Nederland.

Dinsdag 12 mei

Jan gaat al weer aan het werk op kantoor en heeft een afspraak met een klant. ‘Hé maar zijn jouw collega’s nu niet aan de beurt?’ vraag ik. Ik moet echt even wennen aan het feit dat Jan zich nu weer in ‘onveilige’ situaties gaat begeven, in plaats van veilig thuis. Jan legt uit dat nog niet iedereen op kantoor wil komen, het is niet een verplichting en dus is er genoeg ruimte in het bezettingsoverszicht. Hij legt uit dat hij voorzichtig zal zijn maar dat hij het liefst live met zijn klanten wil spreken. Telefonisch is toch maar behelpen. Bovendien mist hij de gesprekken met zijn collega’s. Ach ik weet het ook allemaal wel maar toch heb ik het nodig om even te horen. Die man van mij staat te trappelen, die hou je met geen zeven paarden tegen. Aan de periode van twee maanden veilig, gezellig en relaxt thuis met zijn tweeën komt nu langzaam aan weer een einde. Ik zal deze periode koesteren. Het voelde toch een beetje net als in de vakantie samen.

Mijn broers appen dat het allerminst zeker is dat we 13 juni met de boot naar Ameland kunnen. Dan zijn mijn ouders 60 jaar getrouwd. Ja echt! Zestig jaar, niet te geloven. Ze wilden graag dat wij als kinderen ( ik en mijn twee broers en onze man en vrouwen ) het feest zouden organiseren. Wij hadden dus een dagje Ameland bedacht. Zondagavond hadden we er een video-vergadering met elkaar over via whatsapp. Waarbij bleek dat ik daar dus weinig tot geen ervaring mee heb. Wát een geklungel! Ik geloof dat we een kwartier verder waren voordat ik de boel goed ingesteld had. In ieder geval stonden de hoofden van Jan en mij niet meer op de kop en hadden we opnieuw ingebeld. Maar je zag mijn hoofd het dikst in beeld omdat ik de anderen zo slecht kon verstaan en dus met mijn hoofd vlakbij de telefoon moest, waardoor Jan wegviel in de achtergrond. Nou ja het doel heiligt de middelen zullen we maar zeggen. Mijn broers en hun vrouwen hadden gelukkig geduld met mij. We verdeelden de taken en mijn jongste broer zou de boottickets regelen. Maanden geleden had ik de fietsen voor het hele gezelschap, 15 man sterk, al gereserveerd. Maar nu blijkt dat de boot de komende weken niet gereserveerd kan worden en dat er sowieso maar 40% van de normale hoeveelheid passagiers mee kan, waardoor we ons dan wellicht over verschillende boten zouden moeten verdelen. We hebben er eerlijk gezegd een hard hoofd in dat het feest op Ameland door kan gaan maar hebben afgesproken het tot 1 juni de tijd te geven. En als het dan nog steeds niet lukt om boottickets te bestellen, dan ligt het alternatieve plan ook al klaar. Ik hoor mijn ouders, die dit ook lezen al denken: en wat is dat dan? Dat houden we nog even geheim.

Voor het eerst ben ik dit jaar met moederdag niet even bij mijn moeder op bezoek geweest maar na een heel weekend bezoek had ik er de puf niet meer voor. Vanmiddag wel. Ik vertrek met een tas met kadootjes en tulpen naar Leeuwarden. Mijn moeder is zo dankbaar dat ze haar handen uitsteekt om mijn gezicht vast te pakken. ‘Nee mam, kan niet’. ‘Oh ja, is ook zo’. Het zit gewoon niet in haar systeem. Die anderhalve meter is voor mijn moeder veel te onnatuurlijk. We gaan buiten zitten maar aangezien het begint te regenen gaan we naar binnen. ‘In de voorkamer kunnen we makkelijk anderhalve meter van elkaar zitten hoor’ zegt mijn vader. Hij komt met een hele oude foto van toen hij in militaire dienst zat aanzetten. Wat leuk! En voor we het weten liggen er allemaal foto-albums op tafel en komen de verhalen los. Over mijn vaders diensttijd maar ook over vroeger toen ik en mijn broers nog kinderen waren. Ik zie allemaal foto’s van mezelf die ik al lang vergeten was. Wat enig! Met mijn IPhone maak ik er foto’s van. En we krijgen een gesprek over angst. Mijn moeder wil niet bang zijn zegt ze en daarom probeert ze de crisis een beetje te negeren. Dat verklaart waarschijnlijk ook waarom ze de anderhalve meter afstand steeds vergeet. Maar mij  vader volgt alle berichtgeving op de voet en is wel bang. Daarom is hij heel voorzichtig. ‘Als ik ziek wordt is het met Sippie  ( hij heet Sip ) wel gedaan zegt hij’, wijzend op zichzelf. Ik zie zijn ogen vochtig worden en begrijp hem. Hij is 85 en de meeste doden zijn mensen van boven de tachtig. Mijn ouders hebben het leven nog veel te lief, die zijn nog lang niet klaar om dood te gaan. Dus ik bid en hoop dat ze gezond door deze corona crisis heen komen.

Geschreven door: Tietia Feikens

Abonneer op onze nieuwsbrief

Volg ons via Facebook