close
  • zaterdag 20 oktober
Vrije tijd

Gôh, dat is mieters, wie zegt dat nog?

Gôh, dat is mieters, wie zegt dat nog?

Mieters zeiden we in de jaren vijftig van de vorige eeuw. Tegenwoordig is iets vet. Het woord bedotten hoor je ook nog maar zelden. Welk woord gebruik jij nog of zou je weer terug willen horen, wat verdwenen lijkt? 

Het is de week van het Nederlands. Tot en met 13 oktober brengen velen een ode aan het Nederlands door middel van workshops, lezingen, literaire avonden en wedstrijden. In de krant die is verschenen naar aanleiding van de Week van het Nederlands blijkt dat buitenlanders vooral moeite hebben met de volgorde van de woorden in onze zinnen. En dan het woordje ‘er’. Een flink struikelblok voor buitenlanders. Waar staat ‘er’ eigenlijk voor, weten we dat als Nederlanders eigenlijk wel? 

Elfduizend woorden

Het valt dus niet mee, dat Nederlands. Bovendien blijkt dat wie een taal wil leren met tweeduizend woorden al tachtig procent van de geschreven en gesproken taal begrijpt. Voor het Nederlands schijn je daar elfduizend woorden voor nodig te hebben, zo concludeert Suzanne Hazenberg in een proefschrift ‘Een keur van woorden. De wenselijke en feitelijke receptieve woordenschat van anderstalige studenten’ (1994). 

Quatsch

En dan is er nog de verandering in de taal. Woorden komen en woorden gaan. Ieder jaar wordt er wel een nieuw woord gekozen dat de Van Dale haalt. Maar welke woorden zijn verdwenen. Hp/DeTijd zocht eens een aantal van die verdwenen woorden. Woorden die uit de gratie zijn geraakt, niet modern meer zijn of hun betekenis hebben verloren. 

Een aantal voorbeelden: kinderbewaarplaats (kleuterschool), jegenswoordig (tegenwoordig), wervelziel (duizelig) en saffie (sigaret). Maar ook woorden als bedotten, desniettegenstaande en quatsch worden nauwelijks nog gebezigd. En wat zei jij als je vroeger iets heel erg leuk vond? Gaaf, mieters? En zeg je tegenwoordig: doei! of houd je je bij: de mazzel? 

Foto: Rijswijk-tv

Abonneer op onze nieuwsbrief

Volg ons via Facebook