close
  • donderdag 15 april
Reizen

Ik ga er vandoor met de brugwachter

Ik ga er vandoor met de brugwachter

Ik zit regelmatig aan de waterkant, net als Nico Dijkshoorn. Er blijkt uit één van zijn recente columns in de Volkskrant dat hij de pleziervaart nu niet echt een warm hart toedraagt. Ik zit nog te dubben. 

BLOG – Ik woon aan de rand van een stad met heel veel bruggen. Vanaf die rand duurt het een brug of zeven alvorens zeiljachten, motorboppers en bruine vloot joekels de binnenstad hebben bereikt en daar aan kunnen leggen. Net als ik naar het centrum fiets, staan stuk voor stuk al die bruggen open. Geduld dus. 

Ik heb ze elkaar ook wel eens af horen bekken

Maar zoals Nico al opmerkte zie je in de tijd dat je staat te wachten heel veel, en merk je bij de meeste booteigenaren al snel een patroon op. Best geinig om gade te slaan. Vaak is het zo: man stuurt, vrouw zit er wat verloren bij. En ik heb ze elkaar ook wel eens af horen bekken. Dat zal niet vallen onder de noemer vakantieplezier. 

Leuker vind ik het als ik die bruine vloot schepen, met twee enorme masten voorbij mijn huis zie varen. Jonge kerels die als een gek aan het stuurwiel draaien om dat enorme gevaarte midden door de vaart te sturen. Vaak veel jongelui aan boord, en soms ook ouderen. Zij genieten, ik geniet. Ze zwaaien ook altijd even. En soms is een knikje genoeg. ‘Fijn hebben we het hè…’ is de boodschap. Daar word ik blij van. 

Rijk de Gooyer in de rent-a-boat reclame

Nu vaart er ook wel eens een superjacht voorbij. Ik moet dan altijd denken aan Rijk de Gooyer met  zijn rent-a-boat reclame. Patserige kerels die op die manier menen ‘een grote’ te hebben. Die hebben ze ook, want als ik dan net aan mijn tafeltje bij het raam zit te eten, valt er een fikse schaduw over mijn bord als Johnny al varend met zijn Angela voorbij komt. Johnny vaart ook net altijd even wat te hard. 

Onlangs kwam mij een tweemaster tegemoet, onder zeil. Dat vond ik een hele kunst in zo’n smalle vaart. Even voordat ze voorbij voeren, ging het zeil omlaag, werd er her en der wat geroepen en sprongen er vier jongelui op de kant die een gordel om deden, touwen (heet dat zo?) aanhaakten en het schip geruisloos verder trokken richting de eerste brug. Een geweldig gezicht. Zo kan het dus ook, dacht ik. Want er gaan soms schepen voorbij die een hels kabaal maken. Voorbeeld: die van Johnny en Angela. 

‘Je haalt eerst die onooglijke stootwillen binnen boord’

Zo’n variëteit aan schepen, en dan vergeet ik de enorme hoeveelheid sloepjes nog dat voorbij tuft, is soms een lust voor het oog en soms een doorn erin. Vanwege dus die openstaande bruggen, hun absurde snelheden en het gedrag van de (vermeende) eigenaren. Ik heb er niet direct last van, maar die vrouwen wel. En ik snap die onderdanigheid niet. Ik zou tegen zo’n kerel zeggen: “je haalt eerst eens die onooglijke stootwillen binnen boord, want dat ziet er varend gewoon niet uit. Voorts houd je al je commentaar voor je. Je stuurt het schip naar de eerstvolgende brug waar ik niet alleen een paar euro in het klompje doe, maar ook de kant op stap om achter op de fiets van de brugwachter te springen, de vrijheid tegemoet. Pure muiterij. Heerlijk! 

Veel vaarplezier, zwaai maar even

Geschreven door: Julia van Bohemen