close
  • maandag 17 december
Buitenleven

In de moestuin: alles over suiker-, sier- en pofmais

In de moestuin: alles over suiker-, sier- en pofmais

Moestuinverhalen 23

Mais is ontzettend boeiend. Het lijkt misschien een ietwat saaie plant van twee meter lang, maar dat is het niet! Er zijn heel veel soorten. In Nederland zie je hele velden vol staan. Wat je ziet is snijmais. Het wordt gebruikt als veevoer. De popcorn die je eet in de bios is gemaakt van pofmais. Dan heb je nog siermais. Blauw of roze! Is ook eetbaar. Zelf hou ik het bij suikermais.

In het (Mexicaanse) zonnetje

Suikermais is heerlijk op de barbecue, in de salade of in Mexicaanse gerechten. Over Mexico gesproken, volgens historici komt mais daar oorspronkelijk vandaan. In de vijftiende eeuw nam Columbus de mais mee naar Europa. In Italië werd het al snel een populair graangewas. Misschien heb je daar weleens polenta gegeten. In eerste instantie armeluisvoer, nu een traditioneel gerecht. In het noorden van Europa werd mais voornamelijk gebruikt als voer voor vee. Dat is nu nog steeds zo.

Zaai in een blok

Ter plaatse zaaien kan vanaf mei tot begin juli. Mais heeft ongeveer een groeiperiode van 120 dagen. Het is van oorsprong een tropische plant en heeft veel warmte nodig. Hou daar rekening mee en zaai op een zonnig plekje. Tip: zaai vier of vijf korte rijen in een blok en geen lange rij. Zo staat het mais beschut bij elkaar voor de wind en bovendien vindt de bestuiving plaats via de wind. Mais is een een kruisbestuiver. Bijen of andere insecten zijn niet nodig. Daarom zijn de bloemen onopvallend. Het is niet noodzakelijk om de aandacht van bijen te trekken.

De oogsttest

In mei heb ik de suikermais gezaaid en afgelopen weekend heb ik een aantal geoogst. Het resultaat viel me ietwat tegen. De bestuiving is zoals je op de foto ziet niet optimaal verlopen. Hierdoor krijg je kolven die niet volledig zijn.

Het is trouwens best lastig om te bepalen wanneer je moet oogsten.  Kijk of de stempels (de haren buiten de kolf) verdroogd zijn, dan is het tijd om te oogsten. Op Internet las ik dat je een test kunt doen, deze gaat als volgt: je drukt met je nagel in een korrel. Komt er wit (melkachtig) sap uit de korrel? Dan is de mais ‘melkrijp’ en klaar om geoogst te worden. Is de sap doorzichtig? Dan is het te vroeg. Komt er dikke drab uit dan heb je pech, want dan ben je te laat! Lukt het je helemaal niet om de korrel in te drukken en is de korrel in een verschrompelde staat? Dan ben je rijkelijk te laat! Een deel van de suikers is dan al omgezet in zetmeel, vandaar die taaiheid. Voer voor de kippen.

Direct eten!

De juiste timing met oogsten is belangrijk, maar wil je de allerlekkerste smaak dan moet je het meteen opeten. Het is zaak om zo snel mogelijk na het oogsten de kolven in een pan met kokend water te doen. Ongeveer tien minuutjes laten koken. Resultaat: knapperige sappige korrels die intens zoet smaken. Heerlijk met een beetje roomboter en zout erbij.

Zo snel koken, lukt waarschijnlijk niet. Probeer ervoor te zorgen dat je de kolven zo snel mogelijk in de koelkast zet. Na twee uren niet gekoeld bewaren is de helft van het suikergehalte namelijk al verloren. Zo’n acht minuten blancheren stopt dit proces. Of verpak de kolven in folie. Zo zijn ze de maiskolven toch nog enkele dagen houdbaar in de koelkast.

Vorige aflevering gemist? Klik hier voor deel tweeëntwintig.

Abonneer op onze nieuwsbrief

Volg ons via Facebook