close
  • maandag 30 november
Algemeen

Uniek! 50+ kreeg een kijkje in de enige ambulancehelikopter van Nederland

Uniek! 50+ kreeg een kijkje in de enige ambulancehelikopter van Nederland

Omdat ik vlakbij een ziekenhuis woon, hoor en zie ik regelmatig de ambulancehelikopter overvliegen. Mijn tuin ligt precies onder de aanvliegroute vanaf de Waddeneilanden waar de heli op vliegt. Op zo’n 75 meter hoogte zie ik hem voorbij komen.

heli in de lucht

 

Het geluid van dit vliegende voertuig kan ik dromen. Het begint bij een zacht gezoem, dat steeds meer aanzwelt tot een zwaar trillend gebrom en dan komt het roteren van de wieken erbij, totdat het na de landing op het dak van het MCL ineens stilvalt. Ik ben al jaren nieuwsgierig naar de wereld erachter en kreeg de kans om een kijkje te nemen bij de hangar en één van de bemanningsleden te interviewen.

Uniek en bijzonder

Bij de poort van de vliegbasis in Leeuwarden word ik na een paspoortcheck opgevangen door een navigator van de heli, Johannes de Boer (39), die met me mee fietst over het grote terrein. We zijn op weg naar de hangar waar de ambulancehelikopter staat, de enige in Nederland. Nou, eigenlijk zijn er twee, er is nog een reserveheli in Lelystad. Maar die twee zijn uniek, want naast de traumahelikopters waar altijd een arts aan boord is, zijn er verder in ons land geen vliegende ambulances. Het wordt een bijzondere dag, om meerdere redenen. Naast de medewerkers komen er eigenlijk nooit bezoekers in deze hangar, dus mijn bezoek is vrij uniek. En het persoonlijke verhaal van Johannes blijkt de moeite van het vertellen waard.

In de helikopter

Apparatuur heliHij komt net uit de nachtdienst, maar neemt uitgebreid de tijd om me rond te leiden en ik mag zelfs in de helikopter zitten om alles goed te kunnen bekijken. De piloot zit, in tegenstelling tot een auto, aan de rechterkant. Naast hem zit de navigator en achterin een verpleegkundige. Een team bestaat dus uit drie personen. Aan het begin van iedere dienst voeren piloot en navigator altijd controles uit bij het toestel. Daar wordt nooit van afgeweken en het gaat volgens een strikt protocol. Ook voor, tijdens en na iedere vlucht wordt er in de cabine een checklist afgewerkt. De navigator (ook wel Hems Crew Member genoemd) noemt de handelingen op vanuit die checklist, waarna de piloot ze verricht en bevestigt. Iedere keer weer. Johannes heeft in de helikopter dezelfde monitoren voor zich als de piloot. Hij kijkt mee en controleert. Van tevoren wordt bepaald hoe zwaar de bemanning die dag is. Daar wordt de hoeveelheid brandstof bij opgeteld en de rekensom gemaakt hoeveel gewicht er over is voor de patiënt en eventuele familie.

Binnenkant heli

Friese Waddeneilanden

De heli is eigendom van de ANWB en vliegt nu zo’n 1,5 jaar onder de vlag van RAV Fryslân. Vanuit de Noordelijke meldkamer in Drachten komen de oproepen binnen om assistentie te verlenen op de Friese Waddeneilanden. Terschelling en Ameland hebben twee rijdende ambulances, maar als die onderweg zijn of een patiënt moet naar het ziekenhuis, dan wordt de heli ingezet. Op de eilanden zijn helispots waar veilig geland kan worden, maar dat mag als het nodig is ook op straat. Om een indruk te krijgen: een tochtje naar Vlieland duurt ongeveer 15 minuten. Overigens maakt Johannes korte metten met de realiteit van Dokter Deen, dat op Vlieland speelt. “Die serie geeft een verkeerd beeld van hoe wij werken.”

Vooral hartproblemen

Knuffels in netjeDe heli vervoert patiënten van alle leeftijden. Af en toe dus ook hele kleine kinderen, wat de twee knuffelberen in een netje achterin verklaart. De meeste mensen die vervoerd worden, hebben cardiologische problemen. Daarnaast worden veel zwangere vrouwen naar het ziekenhuis gebracht. Op Terschelling doen de huisartsen geen bevallingen meer. Een geboorte ín de heli is nog niet voorgekomen. Meestal wordt de baby nog op het eiland geboren of is het ziekenhuis net op tijd te bereiken. Het zou ook wat krapjes zijn in de lucht, maar als het moet dan kan het. Het is duidelijk te zien dat de helikopter uitgerust is met de meest geavanceerde apparatuur. De vraag die zich dan aandient is hoe ver je gaat om iemand te redden. “Dat vind ik nog wel eens lastig,” zegt Johannes voorzichtig. “Soms gaat het wel heel ver. Ik ben trouwens van mening dat wij geen mensen redden. We doen aan symptoombestrijding en brengen ze indien nodig zo snel mogelijk naar het ziekenhuis voor verdere behandeling.”

Oerol en jongerencampings

De afgelopen periode was het geluid van de helikopter vaker te horen dan anders, vanwege het festival Oerol op Terschelling. Dat zorgde voor meer toeristen op het eiland, evenveel als in de zomervakantie. In die periode komen oproepen regelmatig vanaf de jongerencampings, vooral vanwege overmatig drankgebruik. Maar er zijn ook rustige dagen waarop de heli niet hoeft te vliegen. Die tijd wordt gebruikt voor het maken van de roosters, het uitwisselen van ervaringen, een film kijken of een paar uur slaap pakken. Er zijn slaapkamers aanwezig in het gebouw en op de deur van één ervan zit een niet-storen bordje. Daar slaapt op dat moment een piloot van de nachtdienst.

Persoonlijk verhaal

Als we de rondleiding (zachtjes) hebben beëindigd, vertelt Johannes bij een kop koffie onverwacht een heel persoonlijke verhaal als ik vraag hoe hij in dit vak terecht is gekomen. Het blijkt geen doorsnee geschiedenis te zijn en hij is er erg open over. Hij vertelt hoe hij zo’n achttien jaar geleden eerst ambulancechauffeur is geworden. Al sinds hij een jaar of vijftien was, wilde hij op de ambulance werken. Als de kinderen uit het gezin de Boer vroeger de sirenes hoorden, renden ze allemaal naar het raam om te kijken. Die fascinatie is er altijd geweest, maar het vaste voornemen om er zijn werk van te maken kwam ergens in de puberteit. Het was niet zomaar een toekomstbeeld, Johannes had er alles voor over.

Pestverleden

Zijn ervaringen op de LEAO maakten het verlangen alleen maar groter. De man die voor me zit straalt kracht en zekerheid uit. Maar toen hij op de middelbare school zat, was hij naar eigen zeggen een prooi voor pesters. Ze pakten hem op school waar ze konden, maar ook totaal onbekende jongeren trokken hem ergens in de stad uit het niets van zijn fiets en sloegen hem in elkaar. Het waren enorme heftige jaren, het pesten ging de hele LEAO periode door en er ontstond naar later bleek een groot trauma. Hij haalde toch zijn diploma en ging naar het MBO, richting verpleegkunde, maar strandde na drie jaar. Toen hij zeventien was, liep hij met serieuze zelfmoordplannen rond. De afscheidsbrief was al geschreven en alle voorbereidingen getroffen. Maar voordat hij zijn plannen kon uitvoeren ging hij zo door het lint dat zijn ouders hem ervoor konden behoeden. De therapieën die volgden hielpen niet, hij kon er niet over praten. Zijn ouders lieten hem toen zijn slaapkamer verbouwen en dat werkte wel. Urenlang was hij aan het klussen en langzaam ging het beter.

De droom was niet vergeten

Johannes in heliJohannes vertrok naar Leiderdorp om daar een interne opleiding verzorgende IG te volgen. “Maar het Westen was echt niet mijn ding en ik had hier ook verkering.” Dus kwam hij terug naar Friesland en vond werk als bezorger en installateur van koelkasten en ander witgoed. Maar hij was zijn droom nog niet vergeten en schreef op zijn twintigste een briefje van vier regels naar de twee bedrijven die het ambulancevervoer verzorgden. Hij vroeg wat hij moest doen om ambulancechauffeur te worden. Eén van de twee bedrijven reageerde en gaf aan dat hij nog veel te jong was. Van het andere hoorde hij niets. Totdat hij een jaar later ineens toch een telefoontje kreeg. Of hij nog steeds ambulancechauffeur wilde worden. Zijn briefje was al die tijd in een la bewaard en hij mocht op gesprek komen. Te jong was hij nog steeds, maar deze manager had vertrouwen in hem en gaf hem de kans om de opleiding tot ambulancechauffeur te volgen. Met zijn 21 jaar werd hij de benjamin van de ambulancedienst. Het werk was net zo leuk als hij zich altijd had voorgesteld. “Theoretisch gezien was het onmogelijk dat het zo ging,” zegt Johannes. “Maar ik heb het gevoel dat er een plan van hogerhand voor me klaar lag.”

PTSS

Maar zoals dat met een trauma meestal gaat, je laat het niet zomaar achter je. Johannes was inmiddels getrouwd, kreeg kinderen en was al dik tien jaar ambulancechauffeur toen hij steeds meer problemen kreeg tijdens zijn werk. Er was agressie van omstanders, mensen die naar hem spuugden of hem wilden slaan. Je leest regelmatig dat personeel van hulpdiensten met vervelend gedrag van omstanders te maken heeft. Johannes kan dat bevestigen. Bij hem triggerde dat agressieve gedrag echter steeds vaker zijn pestverleden, dat nog altijd in hem sudderde. Hij ging twee jaar in therapie voor Post Traumatisch Stress Syndroom, maar bleef wel werken. Het uniform gaf hem zelfvertrouwen en dat kon hij goed gebruiken.

heli

Vliegen is geweldig

Hij kwam er weer bovenop en het gaat nu al een tijd goed met hem. Toen er een vacature kwam voor navigator in de ambulancehelikopter, solliciteerde Johannes. Het was een pittige procedure met een piloten-assessment, maar hij kwam er doorheen. Zijn verleden was bekend bij zijn werkgever en kwam ook aan de orde in de gesprekken. Het vormde uiteindelijk geen belemmering om hem aan te nemen. Hij vindt het vliegen geweldig en de afwisseling met de gewone ambulance, waarop hij nog steeds chauffeur is, prettig. Of hij dit werk nog tientallen jaren vol zal kunnen houden is wel de vraag. De emmer raakt steeds een beetje meer vol en hij is jong begonnen. “Achteraf denk ik wel dat het té jong was. Eigenlijk vind ik dat je pas boven de dertig bestand bent tegen de heftige dingen die je meemaakt. Pogingen tot zelfmoord, verdrinking van kinderen, het komt allemaal voorbij.”

Geschreven door: Boukje Wiersma